Veelgestelde vragen
Goed om te weten
Wat is de valprevalentie onder 65-plussers?
Van alle 65-plussers had 29% in het afgelopen jaar minstens één valincident en 9% twee of meer. De prevalentie stijgt met de leeftijd: 24% bij 65 tot 74 jaar, 32% bij 75 tot 84 jaar en 44% bij 85-plussers. Bron: RIVM, Gezondheidsmonitor Ouderen 2024.
Hoe vaak komt valangst voor?
In 2024 gaf 31% van de 65-plussers aan bezorgd te zijn om te vallen. Het RIVM wijst erop dat ouderen daardoor sociale activiteiten kunnen gaan vermijden, met gevolgen voor mobiliteit en participatie. Bron: RIVM.
Wat is de mortaliteit na een valincident?
Volgens voorlopige cijfers van het CBS overleden in 2025 7.810 mensen door een accidentele val, gemiddeld ruim 21 per dag. Van hen was 79% 80 jaar of ouder. Bron: CBS, september 2026.
Hoe ontwikkelt de valsterfte zich?
De sterfte per 100.000 inwoners neemt al vijftien jaar ieder jaar toe. Van de vrouwelijke 90-plussers overleed in 2025 2,1% door een accidentele val, tegen 1,0% in 2016. In de winter ligt de sterfte hoger dan in de zomer. Bron: CBS.
Wat betekent dit voor de langdurige zorg?
Van de ongeveer 7.300 mensen die in 2024 door een val overleden, hadden er ongeveer 5.000 een Wlz-indicatie; de meesten verbleven in een instelling. Bij 7,7% van alle overlijdens in een Wlz-instelling was een val de doodsoorzaak. Bron: CBS.
Hoe verhoudt dit zich internationaal?
Volgens de WHO is vallen wereldwijd de op één na grootste oorzaak van overlijden door niet-opzettelijk letsel, na verkeersongevallen. De sterfte is het hoogst bij 60-plussers. Bron: WHO, 2021.
Wat is de evidentie voor beweeginterventies?
De richtlijn Preventie van valincidenten bij ouderen beoordeelt de bewijskracht als sterk en adviseert altijd een beweeginterventie met balans- en functiegerichte componenten. In de onderliggende review nam het aantal vallers af (RR 0,77), dus ongeveer 23% minder. Dat betreft meerweekse programma's bij thuiswonende ouderen. Bron: Richtlijnendatabase, 2026.
Is jullie training een erkende valpreventieve beweeginterventie?
Nee. Onze training is een eenmalige bijeenkomst en geen erkend meerweeks programma zoals Otago of In Balans. Zij is bedoeld als laagdrempelige start en als aanvulling op het valpreventiebeleid van uw organisatie, niet als vervanging daarvan.
Is er evidentie voor het effect van één training?
Niet dat wij kennen, en daarom noemen wij daar geen cijfers over. Wij beloven geen daling van het aantal valincidenten. De training richt zich op vertrouwen in bewegen en op het oefenen van opstaan.
Voor welke cliënten is de training geschikt?
Dat bepalen we vooraf met uw behandelteam; de fysio- of ergotherapeut beoordeelt per cliënt de belastbaarheid. Deelname is altijd vrijwillig. Niet deelnemen aan de valoefeningen op de mat: cliënten met een recente fractuur of ernstige kneuzing van benen, rug of schouders, een ernstige hart- of longaandoening, een val in de afgelopen drie maanden, flauwvallen als oorzaak van vallen, of cognitieve problemen waardoor zij instructies niet kunnen volgen. Zij kunnen wel meedoen met de balansoefeningen vanuit de stoel. Deze criteria zijn gebaseerd op de exclusiecriteria van Nederlands onderzoek naar balanstraining bij ouderen (BMC Geriatrics).
Kunnen cliënten met osteoporose deelnemen?
Ja, aangepast. De richtlijn Osteoporose en fractuurpreventie noemt bewegen veilig, mits aangepast op de persoonlijke situatie (Richtlijnendatabase, 2022). Voor valoefeningen adviseren onderzoekers van de Sint Maartenskliniek om te oefenen op een dikke mat, heupbeschermers te dragen en niet voorover te vallen vanuit stand (Groen e.a., 2010). Wij laten deze cliënten daarom alleen vanuit zit of vanaf de grond oefenen. Het bewijs voor valtraining bij kwetsbare ouderen is nog beperkt; het onderzoek ernaar is vooral biomechanisch en richt zich zelden op letsel in de praktijk (NeuRA, mini-review). Daarom bouwen we altijd op vanaf de grond.
Kunnen cliënten met een rollator of rolstoel deelnemen?
Ja. Een groot deel van de oefeningen kan zittend. Cliënten die niet op de mat kunnen of willen, doen mee met de balansoefeningen vanuit de stoel.
Hoe is de veiligheid tijdens de training geborgd?
We werken op dikke valmatten, in kleine groepen en met een rustige opbouw. Er is doorlopend een fysio- of ergotherapeut aanwezig. Een eventueel incident tijdens de training melden wij direct, zodat u dit volgens uw eigen procedure kunt registreren.
Welke ruimte en welke inzet van medewerkers is nodig?
Een zaal of huiskamer waar matten kunnen liggen en stoelen in een kring passen. Wij nemen al het materiaal mee. Het helpt als een verzorgende of activiteitenbegeleider aanwezig is die de cliënten kent.
Wat is de maximale groepsgrootte?
Ongeveer 12 cliënten per groep. Bij een grotere groep splitsen we op of zetten we extra begeleiding in; de tijden passen we daarop aan.